De generatie geboren in het mooie jaar 1980 (of later) kennen deze wel: ‘lezen is goed voor je’. Dat je wat minder achter de tv (Nintendo of Sega) moet hangen en ‘eens een boek moet lezen’. De ouders, veelal Babyboomers (die van de na-oorlogse welvaart en de veroorzakers van het klimaatprobleem dat niet bestaat), zijn groot gebracht met boeken. Eerst werd er voorgelezen (door onze opa’s en oma’s), daarna volgde er het zelfstandig leren lezen en vervolgens dikke studieboeken. Internet bestond nog niet en dus moest je ook (naast leren) alles opzoeken in boeken. Hoewel meer dan 85 procent van de Nederlandse huishoudens inmiddels beschikt over een internetverbinding baseert het onderwijs de lesstof vooral op boeken en is lezen in de hearts and minds van veel ouders nog steeds een belangrijk goed. Niet onwaar, maar er zijn inmiddels wel betere manieren om te leren.

Het is niet eens zo moeilijk om te begrijpen dat er wel betere leermethoden dan lezen moéten zijn, dat ligt namelijk aan onze hersenen. Het brein analyseert tekst op drie verschillende niveaus: de tekst zelf (visueel), de klanken van de letters en woorden (fonetisch) en de betekenis van dit alles tezamen. Iedereen weet dat het mogelijk is om een tekst te lezen en de inhoud daarvan niet te begrijpen. Begin jaren negentig toen ik op de basisschool zat waren er al speciale lessen ‘begrijpend lezen’ omdat menig kind er moeite mee heeft een hoofdstuk te lezen en dan vragen te beantwoorden over de inhoud. Daar tegenover staan games die op meer zintuigen inspelen (geluid, zicht) én een actieve houding (dus actief leren!) van de speler verwachten.

In een tijd waarin kinderen steeds jonger met verschillende media (tv, internet, games etc.) aan de slag gaan is het helemaal niet raar om hen te laten leren in herkenbare omgevingen. Een kind hoeft geen ‘saai’ geschiedenisboek meer in te duiken, maar kan avonturen beleven met archeoloog Tim Overjaar in z’n spel Schatten & Scherven. Bekendere titels als Sim City en Rollercoaster Tycoon helpen kinderen bij nadenken en plannen (lees ook ‘Video games stimulate learning’). Full Spectrum Warrior was aanvankelijk een game voor het trainen van de hand-oog coördinatie en leiderschapskwaliteiten van rekruten. Later verscheen het razend populaire America’s Army voor de actieve werving van nieuwe soldaten. Het allerbelangrijkste is dat in vrijwel alle games de speler leert wat goed en kwaad is en wat de consequenties van zijn beslissingen zijn.

Niet alle experts zijn het er over eens of het spelen van games vaker moet worden toegepast in het klaslokaal. Onderzoekers van Edinburgh University zagen weinig verschil in de rekencapaciteit van kinderen die dat uit een boek leerden of tijdens het spelen van een game. Geen verrassing: de kinderen vonden het gamen leuker. Onderzoekers aan de University of Wisconsin-Madison denken juist dat games in het onderwijs ‘the next big thing’ zijn omdat het de aandacht van studenten makkelijker grijpt dan andere methoden.

Uit ‘Games that make leaders’:
“You have to read 500 pages of biology and then you get to do biology. Of course you only actually read 200. A video game allows you to perform before you’re competent.”

Marc Prensky (o.a. de auteur van ‘Don’t Bother Me Mom–I’m Learning!’) schrijft in ‘Digital Game Based Learning’ over generaties (‘Games Generation workers’ in zijn woorden) die zijn opgegroeid met Nintendo en Sega: “Games Generation workers rarely even think of reading a manual. They’ll just play with the software, hitting every key if necessary, until they figure it out. If they can’t, they assume the problem is with the software, not with them. This attitude is almost certainly a direct result of growing up with Sega, Sony, Nintendo, and other video games where each level and monster had to be figured out by trial and error, and each trial click could lead to a hidden surprise. Games are almost all designed to teach as you go.”

Uiteraard gaat het implementeren van nieuwe lesmethoden geleidelijk aan en moeten we niet verwachten dat de kinderen van morgen alleen een PlayStation nodig hebben. Misschien is dit meer een oproep aan ouders dan iets anders. Gamen is zo slecht nog niet. Kennisnet publiceerde in 2005 een mooi rapport met de titel Games – Meer dan spelen’ (PDF) voor als je nog meer over dit onderwerp wilt lezen

Nee, ik ben geen neuroloog, maar schrijf dit artikel naar aanleiding van het vak Serious Games (onder leiding van Jurriaan van Rijswijk, oprichter van Games Factory Online). Bijna elke week kregen we in de colleges van dat vak dezelfde stof met een beetje extra informatie ten opzichte van de week daarvoor. Hierdoor kon de groep de stof wel dromen en was het tentamen een eitje, een mooi voorbeeld van ‘grokking’.