Ik schreef ooit in ‘Je online identiteit, dat ben jezelf’ over de manier waarop ik mij online presenteer en dat het iets is waar iedereen op enig moment over na moet denken. Het komt gewoon steeds vaker voor dat werkgevers, HR afdelingen en de pers het internet afstruinen en dan pardoes op je depressieve uitspattingen of dronken foto’s stuitten. Dat kan je ook tegen gaan door je privacy instellingen op orde te hebben overigens. Toch lijkt deze insteek nu onderdeel te worden van een groter waanbeeld: ineens heeft álles invloed op jou kansen op een nieuwe baan…

Ik heb het ook al eerder op Twitter voorbij zien komen: of de serviceprovider van je (al dan niet gratis) e-mailprovider bedrijven doet beslissen je wel of niet aan te nemen. AOL en Hotmail adressen zouden volgens één of ander onderzoek negatieve connotaties met zich meebrengen: het zijn ‘oudere’ providers en dus niet hip. Eén anonieme CEO zou te kennen hebben gegeven dat mensen met adressen van AOL (1991), Yahoo! (1995) en Hotmail (1996) direct geschrapt werden uit een selectieronde. Gmail (2004) of een eigen domein (dus alles na de @) zouden moderner en positiever overkomen.

Uit eigen ervaring kan ik zeggen dat @gmail associaties oproept met nerds, maar dat terzijde. Sowieso gaat het hier om de aanbieder van de e-maildienst die jij (misschien al jarenlang) gebruikt, dit gaat niet om de naam (of bizarre slagzin) vóór het apenstaartje, het deel waar je makkelijker invloed op hebt. Hou het professioneel, je voor- en achternaam met daartussen een punt is genoeg.

Mijn conclusie: als een bedrijf je afwijst omdat je een ‘ouderwetse’ e-mailprovider gebruikt, dan wil je daar niet werken. Of je e-mailprovider een hippe of slome uitstraling heeft, het is niet cool een prima kandidaat af te wijzen op basis van zijn of haar e-mail. Weet alleen – als kandidaat – dat in selectieprocedures (zeker bij A-merken) alles mee kan tellen. Human Resources heeft geen zin om door 500 cv’s te werken, er moet een shortlist komen.