In november 2008 verscheen het derde boek van Malcolm Gladwell: Outliers. Ik begon er vorige week in te lezen op aanraden van Robert van Eekhout.

“Waarom bereiken sommige mensen zoveel meer dan anderen?”, vraagt de auteur zich af. Hoeveel verschilt hun data, cultuur en training van dat van mensen die de top (net) niet bereiken?

Dat blijkt ‘m vooral in de hoeveelheid tijd te zitten die iemand – bijvoorbeeld The Beatles – in een activiteit – bijvoorbeeld optreden – steekt. De absolute top doorbreekt – voordat het succes zichtbaar vruchten afwerpt – 10,000 uur aan training of anders gezegd, net geen 5 jaar lang 40 uur per week. Pure toewijding. Gladwell heeft niets op met talent. Als je tenminste zoveel tijd steekt in het oefenen van wat dan ook, dan ben je een meester in je vak.

Minstens zo interessant is de introductie van het boek, over een arm Italiaans dorpje waarvan de eerste immigranten in 1882 het gelijknamige dorp Roseto in de Verenigde Staten stichtten. In de jaren 50 onderzoekt Stewart Wolf hoe het komt dat het dorp aanzienlijk minder hartfalen kent bij mannen tussen de 55 en 64 jaar. In totaal ligt het aantal sterfgevallen in Roseto tot 35% lager dan in de rest van de VS op dat moment!

De aanname dat de paar duizend geïmmigreerde Italianen er een gezonde, Europese levensstijl op na houden is gauw weerlegd: ze roken zonder filter en 41% van hun calorieën komt uit vet! Het blijkt ook niet in hun genen te zitten (afstammelingen in de rest van de VS kampen met dezelfde gezondheidsproblemen als andere Amerikanen) of te maken te hebben met de locatie van het dorp (data in twee vergelijkbare dorpen in de buurt van Roseto tonen geen afwijkingen).

“It had to be the Roseto itself.”

Deze mensen, uit dezelfde regio en met dezelfde achtergrond, op deze locatie in het beloofde land: al deze factoren zorgde voor een unieke sociale situatie. In Roseto werd nog vaak Italiaans gesproken, mensen maakten een praatje met de buren, kookten voor elkaar. Er werd niet gepronkt en niet neergekeken op een ander, iedereen ging naar dezelfde kerk. Mensen waren relaxt en dat was aan het begin van de jaren 60 toen Wolf z’n bevindingen presenteerde een ongekende verklaring voor het lage aantal doden door hart- en vaatziekten.

Onderzoek aan de hand van overlijdensaktes uit de periode 1935 – 1985 bevestigen het bestaan van het Roseto effect.

Het boek gaat vervolgens verder in op hoe succes tot stand komt (in ijshockey bijvoorbeeld en bij Bill Gates) maar de toon is gezet.

“No one—not rock stars, not professional athletes, not software billionaires, and not even geniuses—ever makes it alone.”

Om (op jonge leeftijd) meer dan tienduizend uur in één activiteit te stoppen moet je vastberaden zijn, maar er is altijd ook iets anders voor nodig: hulp van buitenaf.  Zo helpt het als je in een financiële situatie verkeert waardoor je al die tijd kunt investeren (en niet moet werken of naar school gaat). Ouders die je aanmoedigen, vrienden en collega’s die je talent erkennen en het geluk van een kampioen. Dat alles tezamen helpt jou naar die 10,000 uur en dan ligt de weg naar de top open.